Portugal … here we come!


Het duurt nog wel even, nog tweehonderdvijftig (!) dagen om precies te zijn, maar ik heb vast onze vliegtickets al geboekt. Hebben is hebben tenslotte.

We vliegen op 6 juni naar Porto, doen van daaruit de geplande rondreis van negen dagen in noord en centraal Portugal, rijden dan verder naar de Algarve voor negen dagen rust, en daarna terug naar Porto met een tussenstop ergens ter hoogte van Coimbra voor onze vlucht terug naar huis.

Veel voorpret heb ik dus niet want het eerste deel van deze reis was al helemaal uitgetekend. Ik moet wel nog een huurwagen zoeken waarmee we de grens over kunnen want vanuit Tavira willen we een keer naar Sevilla of Cádiz. Het is zo vlakbij tenslotte.

I’m a happy camper!

Westvleteren

Sinds de Westvleteren Abt 12 in 2005 uitgeroepen werd tot beste bier ter wereld, is er een ware rush ontstaan om een bak van dit gerstenat te bemachtigen. De bieren die door de paterkes van Westvleteren worden gebrouwen zijn slechts beperkt te verkrijgen, de paters willen er geen commerciële bedoening van maken. En het feit dat het moeilijk te krijgen is, maakt het misschien net zo aantrekkelijk. Het bier is (officieel) alleen in de abdij te koop, na telefonische reservatie! Reserveren kan slechts op maandag en op dinsdagnamiddag. Je krijgt dan een dag en een uur waarop je aan de poort van de Sint-Sixtusabdij dient te verschijnen en je mag maximaal drie bakken per auto meenemen. Op die manier is het, denk ik, niet moeilijk om een hype in stand te houden.
Zoonlief heeft volgende week verlof en heeft ook een poging ondernomen om een bak te reserveren. Helaas is volgende week alles al volgeboekt. Nu kan je het bier soms ook wel hier bij onze drankenhandel kopen, tegen de ondemocratische prijs van 5 euro voor een flesje …

Verveling

De verveling begint toe te slaan, niet alleen bij manlief maar ook bij mij. Hij kan niet doen wat hij wil doen (fietsen, onkruid wieden, haag kortwieken, gras maaien, …) en ik voel me met de dag meer opgesloten. Niet dat ik niet buiten mag, zeker niet, maar zonder hem heb ik er weinig aan om ergens naartoe te rijden. Ik wil zo graag nog eens een dag naar zee, maar eigenlijk kunnen we daar niet veel gaan doen want lang stappen lukt hem niet. Dan begint zijn schouder zwaar te worden en krijgt hij te veel pijn. Volgende week wil ik toch eens een keer uit eten. Eten gaat al iets gemakkelijker, dus dat zou wel moeten lukken.

Controle

Vanmiddag met manlief op controle geweest in het ziekenhuis. Niet bij de orthopedist zoals ik dacht, maar bij de arts van algemene heelkunde ter controle van de gebroken ribben vs. de longfunctie. Eerst dus een nieuwe longfoto laten maken. De longen waren okee. In de linkerlong zat onderaan nog wat vocht maar dat zou vanzelf wegtrekken. Toen keek hij nog wat beter en zag hij dat er ook aan de rechterkant minstens één rib gebroken is. Dan nog even naar de breuk van het schouderblad gekeken. Dat is wel heel erg gebroken, dat zag ik zelfs! Het zou vier tot zes maanden duren voor die breuk genezen is. Toen hij dat zei zag ik dat manlief toch wel erg schrok van dat bericht. Hij is alvast werkonbekwaam tot 13 oktober. Dan moet hij op controle bij de orthopedist. Ondertussen moeten de breuken gewoon van zichzelf genezen waarbij een flinke portie geduld nodig zal zijn.

Uit eten?

We waren weer even gaan rijden en een eindje gaan wandelen deze namiddag. Laat ons ergens wat gaan eten, stelde ik voor waarbij ik me, terwijl ik het zei, realiseerde dat manlief zijn rechterhand niet kan gebruiken. Toch niet fatsoenlijk genoeg om op restaurant te eten. Andere keer dan maar.

Pijn, pijner, pijnst

Het is niet prettig om je geliefde te moeten zien afzien. De ene dag denk je, het gaat veel beter, en de volgende dag lijkt het of hij weer helemaal terug naar ‘af’ is. Gisteravond draaide hij bijna weg van de pijn. Zelf denkt hij dat het komt omdat hij te weinig beweegt. Zou best kunnen, ik weet het niet. De laatste paar dagen ging hij ’s morgens om de gazet en naar de bakker en voor de rest zat of lag hij. Vanmorgen heeft hij 10 minuten gefietst op de hometrainer. Zonder handen uiteraard want hij kan zich niet naar voren bewegen om de handvatten beet te pakken. Eigenlijk kan hij met zijn bovenlichaam helemaal niks. Maar hij is wel te trots om hulp te vragen. Soms zie ik hem sukkelen om zijn vest of jas aan of uit te krijgen, maar hulp vragen? En ik sta er natuurlijk niet altijd naast.
Dinsdag moet hij op controle naar ’t ziekenhuis. Moeten ze misschien toch ook nog maar eens foto’s nemen van zijn rug en linkerschouder, want die beginnen nu ook heel erg op te spelen.
Een dagje naar zee volgende week, zoals hij begin deze week heel optimistisch opperde, zit er zeker en vast niet in.

Ja zuster, nee zuster

Ik ben voorlopig even ziekenzuster. Manlief kan totaal niets met zijn rechterarm en -hand en met zijn linkerhand is hij vreselijk onhandig. Gelukkig is er een goeie zuster in huis, ikke dus, die zijn brood smeert, zijn medicijnen uit het doosje haalt, hem optrekt uit bed, uit de zetel, onder de douche zijn linkerhelft wast, en nog van die dingetjes. Ik ben er maar druk mee. Maar ik doe het graag, laat daar geen twijfel over bestaan. Ik hoop alleen – voor hem én voor mij – dat hij vannacht wat beter slaapt!