Nooit genoeg


Aangezien we er niet genoeg van kunnen krijgen – van de sneeuw bedoel ik – zijn we vandaag gaan wandelen in de Hoge Venen. Er lag daar zo’n zestig cm sneeuw. Gelukkig was het wandelpad recht tegenover Haus Ternell ‘gebaand’ zodat we prettig konden stappen op de platgewalste sneeuw. We zijn hoop en al zes andere wandelaars – en een sneeuwman – tegengekomen. Heerlijk was het.

Goed en minder goed nieuws

Vanmorgen voor de laatste keer met manlief op controle geweest bij de orthopedist. Het goede nieuws is dat hij per 1 januari terug mag gaan werken (na bijna 4 maanden thuis). Het slechte nieuws is dat hij aan zijn schouder zal moeten geopereerd worden, gedeeltelijk een gevolg van het vorige ongeval. Er zit een zware ontsteking onder een pees en dat moet schoongemaakt worden want de infiltraties hebben niets geholpen.
Het is een kijkoperatie in dagkliniek, dus da’s niet onoverkomelijk maar er hangt een revalidatie en werkonbekwaamheid van drie maanden aan vast. Maal twee! Doordat hij zijn rechter schouder zo’n lange tijd niet heeft kunnen gebruiken is ondertussen de linker schouder overbelast geraakt en ook flink ontstoken. Zucht.
Nu moeten we alleen nog even zien wanneer we dat gaan inplannen want we willen niet dat onze geplande vakanties (maart en juni) in het gedrang komen. Ik hoop dat hij het trekt tot in juli …

Phiew …

Net terug van een ritje naar/van het ziekenhuis – gewoon op ziekenbezoek – met moeder en een tante. Half vijf daar vertrokken en zes uur thuis … anderhalf uur voor 29 km. Met manlief zijn auto (mijne heeft maar twee plaatsen) zonder winterbanden. Het was spekglad en ik heb een paar keer echt geluk gehad. Het is hier alweer sinds twee uur vanmiddag aan ’t sneeuwen en het ziet er niet naar uit dat het snel gaat ophouden.
Manlief zijn auto blijft voorlopig op stal tot er weer winterbanden voorhanden zijn, of tot de sneeuw weg is.

Haar

Daarnet in de supermarkt werd ik aangesproken door een wildvreemde vrouw. Ze vroeg waar ik mijn haar liet knippen want “uw haar is zó mooi geknipt!”. Nu vind ik dat zelf ook hoor. Ik moet er wel bijzeggen dat ik heel gemakkelijk haar heb, veel en dik en het valt vanzelf. ’s Morgens wassen, een half uur aan de lucht laten drogen, dan even met de blazer erop en de handen erdoor en klaar is kees. En zo blijft het dus vijf tot zes weken. Op voorwaarde dat het goed geknipt is, en dat is het dus altijd sinds ik naar deze kapper ga.
Ik ga een percentje vragen want dit is al de vierde klant die ik doorstuur naar mijn coiffeur

Het Gebaar *, Antwerpen

Vanmiddag waren we bij Roger Van Damme te gast. We gingen op cadeautjesjacht en op echtgenoot zijn vraag ‘waar zullen we eens gaan eten’ opperde ik om eens te kijken of Het Gebaar nog een tafeltje voor ons had. Reserveren kan namelijk niet op zaterdag.

Het peperkoekenhuisje ziet er aan de buitenkant vrij troosteloos uit, heel anders dan in de zomer als het terras voor het huis opgesteld staat. Het halletje waarlangs je binnen gaat is nog precies hetzelfde als bij mijn vorige bezoek: klein, smal en donker. Het enige verschil is dat je nu niet zomaar kan doorlopen eens je de deur van het restaurant opent. Je moet achter het gordijn (voor de tocht) wachten achter het lint tot een van de dames eraan komt. We konden even wachten, er zou binnen vijf minuten een tafel vrij komen. Helaas konden we niet binnen wachten, daar is geen plaats voorzien voor wachtenden. Een heel erg groot minpunt wat mij betreft. Nu hadden we geluk dat het niet vroor, maar ik kan me zo voorstellen dat het echt onaangenaam wachten is in het piepkleine halletje bij koud weer.

Maar goed, na vijf minuten werden we binnen geroepen en kregen we een tafeltje – een gewoon klein tafeltje was het – in het achterste gedeelte van het restaurant. Netjes gedekt met een olijfgroen onderkleed en spierwit tafellinnen. Het interieur is niet veranderd, nog steeds beige/greige tegen de muren en aan de ramen, dezelfde Lloyd Loom stoelen en tafeltjes die toch wel wat dicht op elkaar staan. Maar … een kniesoor die daarover zeurt. We gingen genieten van wat chef Van Damme voor ons zou bereiden.

Samen met de menukaart kwamen er broodjes op tafel, met een schaaltje boerenboter, groffe peper en grof zout en kregen we van de zeer vriendelijke dame (ook al dezelfde als vorige keer) wat uitleg bij het eerste gerecht dat op de kaart staat, nl. Suggestie van Roger, die dus regelmatig verandert. Verder zei ze nog dat, indien we een dessert wensten, we dat best samen met het lunchgerecht bestelden omdat de desserts toch wel enige bereidingstijd vergen. Natuurlijk wilden we dessert! Als je bij de beste patissier van België gaat eten, dan hoort een dessert er gewoon bij, ook al ben ikzelf ver van een zoetbek.
Op de foto? Dat is een waterglas. Ik dacht al: wat staan die twee bloemenvaasjes-zonder-bloemen hier toch te doen? Bleken het de waterglazen te zijn! Ik vond ze weinig stijl hebben.

Echtgenoot en ik kozen eensgezind voor de suggestie van Roger. Vandaag was dit een combinatie van gebakken coquilles, varkenswangetjes, oosters buikspek, een torentje met krab, wat zoete ui met vanille, pompoencrème, aardappelmousseline en een oranje gevuld rolletje waarvan ik absoluut niet meer weet wat het was, alleen dat het bijzonder lekker was. Zoals trouwens alle ingrediënten van deze mooie creatie. Wel heel veel smaakjes bij elkaar, maar zo verschillend dat je het idee kreeg een volledig menu in miniformaat te eten. Een heel mooi gerecht. In het glas hadden we een ruedo verdejo van het huis Javier Sanz. Een fruitige wijn die het prima deed als aperitief, maar ook lekker was bij het lunchgerecht. Het tweede glas werd overigens veel te koud geschonken.

Eigenlijk zaten we op een ideale plek om het reilen en zeilen in de gaten te houden. We zaten vlakbij het liftje waarmee de gerechten van de keuken naar het restaurant getransporteerd worden. Zo zagen we de prachtigste kunstwerkjes aan ons oog voorbij trekken.
De bediening (allemaal dames) is een goed geoliede machine. Eén dame, met een oortje in, heeft de regie in handen en staat in verbinding met de keuken: ‘het dessert van tafel 12 mag komen’.

De desserts dan … Het eerste dessert op de foto is wat ik gekozen had: Pomme pomme: gecarameliseerde appels op een crispy bladerdeegbodem geserveerd met ijs en crème van vanille en verschillende structuren van appel. De hoofdmoot was een ‘taartje’ van in zeer fijne brunoise gesneden appel omringd door mousse, bavarois en ijs waarin appel verwerkt was. Zeer, zeer lekker.
Echtgenoot had gekozen voor het dessert Lucca: een ronde chocoladedisk met smaken van bosvruchten, coulis van frambozen en chocolade-crème verfijnd met cabernet-sauvignonazijn. Een ring van chocolade, mousse binnenin, ganache van buiten. In het midden van de ring de frambozencoulis en als garnering een verse framboos, een chocoladesnoepje en vanilleijs. Je moet echt wel een chocoladeliefhebber zijn om deze portie op te krijgen maar dat was voor echtgenoot geen probleem. Hij heeft ervan genoten.

Bij de koffie kregen we nog een mini cakeje en een fijn koekje.

We hebben hier heerlijk getafeld, al zijn er toch wel wat minpuntjes. Het wachten in de koude inkomhal vond ik beneden alle peil. Dit verwacht ik niet in een sterrenrestaurant. Waar wij zaten hadden we ook zicht op de toog waar de drankjes geschonken worden. Een enorme rommel was het daar. Net zoals in de ruimte waar je doorheen moet om de toiletten te bereiken. Dat leek wel een opslagplaats. Hier mag wel wat aandacht aan besteed worden want dit vind ik niet sterwaardig.Het hele interieur is mijns inziens niet sterwaardig trouwens.

Over de gerechten niets dan goeds. Het eten was subliem, al was voor manlief het hoofdgerecht aan de kleine kant. Ik had er eerder al eens gegeten. Toen was het ook super, maar ik merkte wel duidelijk de evolutie die Roger Van Damme heeft doorgemaakt in die twee jaar. Het is ook te zien aan het prijskaartje nu hij die Michelinster heeft. Hij liet trouwens nog even zijn kop zien, dus ik heb echt wel het idee dat hij zelf achter zijn potten en pannen stond. Zo zie ik het graag.