Zandhappen in Zeeuws-Vlaanderen

Zandhappen in Zeeuws-Vlaanderen‘ … dat is de benaming van de fietstocht die we gisteren gemaakt hebben. Heerlijk fietsweer was het. En het was ook zo fijn om nog eens aan zee te zijn.

De zee maakt mij altijd blij. Echt héél blij. Zó blij dat ik de hele tijd in mezelf zit te zingen. En gisteren was dat een oorwurm die ik niet uitgeschakeld kreeg … LEEF!

“Leef, alsof het je laatste dag is”
“Leef, alsof de morgen niet bestaat”
“Leef, alsof het nooit echt af is”
“Leef, pak alles wat je kan”

En dat is exact wat ik doe. Ik leef alsof het mijn laatste dag is en ik pak alles wat ik kan. Samen met mijn manlief. Zó blij en dankbaar dat we dit allemaal nog samen kunnen beleven.

Voor we aan onze tocht begonnen, hebben we nog even geluncht bij Loods 10 op het zonnige terras. En daarna de fiets op voor de 42 km lange tocht, langs de zee tot voorbij Cadzand en dan de polder in.

Uiteindelijk hebben we 52 km gefietst omdat we onderweg wel eens een afslag namen om naar een terrasje te zoeken. Tevergeefs. Het enige terras dat we tegenkwamen – in Retranchement – zat bomvol en verder was alles gesloten. Tja, we lijken gewoon te vergeten dat het nog winter is en absoluut geen toeristisch seizoen. 

Maar … we hebben een heerlijke dag gehad. Zo mogen er nog veel volgen!

Zeeuws Vlaanderen//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

Het zal je maar overkomen …

Opdracht in de Spaanse les: een willekeurig krantenartikel lezen.

Heb ik onmiddellijk gedaan en met verbazing las ik in El Mercantil Valenciano dat er vorig weekend tien klanten een voedselvergiftiging hebben opgelopen in het 1*-restaurant RiFF in Valencia na het eten van een degustatiemenu. Een dame van 46 heeft hierbij zelfs het leven gelaten.

Het zal je als (sterren)chef maar overkomen dat je de dood van een gast/klant op je geweten hebt! Niet moedwillig uiteraard, maar het lijkt me toch een ware nachtmerrie voor alle betrokkenen.

Hopelijk komt de ware toedracht van dit drama snel boven water.

Druk druk druk

Ik hoorde het vroeger al wel eens tegen mijn moeder zeggen: gepensioneerden hebben het precies nog drukker dan toen ze nog werkten. Nu zijn we zelf gepensioneerd en soms lijkt het inderdaad of we het altijd druk hebben.

Vorige week was zo’n drukke week.

Maandagmorgen heb ik eindelijk mijn vakantiestrijk weggewerkt. Samen met de gewone strijk toch goed voor zo’n kleine drie uren strijken. Met de nodige pauzes. In de namiddag hebben we na de regenbui een wandeling gemaakt op de heide. We zouden dat meer moeten doen …

Dinsdagmorgen de gebruikelijke Spaanse les. Weer nieuwe grammatica … het houdt niet op! In de namiddag direct mijn huistaken gemaakt want als ik het laat liggen tot het einde van de week ben ik de helft alweer vergeten. Zo gaat dat nu eenmaal met oude hersens.

Woensdag was onze Kleine Man hier. Dat wil zeggen dat we er dan 100% zijn voor hem. Moet ook wel, want hij raast als een wervelwind door het huis. Op de zetel, af de zetel, boekje lezen (duurt nooit lang), knuffelen, toren bouwen, met de bal spelen, zingen, dansen, knuffelen, verstoppen, … Tussen de middag, als hij zijn slaapje doet, eten we. Mijn man leest daarna online zijn krant en ik tokkel wat op de PC. En na een paar uren rust begint het schouwspel opnieuw. Dat kind stroomt over van de energie, en na zo’n dag kan je opa en oma bij elkaar vegen. Gelukkig had ik nog wat overschotjes in de koelkast want ik had niet meer de puf om nog te gaan koken nadat zijn papa hem had opgehaald.

Donderdag heb ik heerlijk uitgeslapen tot negen uur en na de dagelijkse huishoudelijke taken – afdrukken van peuterhandjes van de ramen vegen bijvoorbeeld – ben ik een tijdje bezig geweest met het selecteren van de vakantiefoto’s om een mooi (online) album samen te stellen. Ik had er van de vijftienhonderd al een vierhonderdtal overgehouden, maar dat zijn er nog veel te veel voor een album. In de namiddag stond er een wandeling met een vriendin op het programma. Het was prachtig weer en we hebben nog heerlijk in de zon gezeten op een terrasje.

Vrijdag zijn we met een vriendengroep op bedrijfsbezoek geweest bij Elixir d’Anvers. Om half twee in Antwerpen zijn betekent dat wij – gezien het huidige verkeer – om half één moeten vertrekken. Beetje moeilijk met eten. Daarom maar besloten om anderhalf uur vroeger te vertrekken en te gaan lunchen in Antwerpen bij De Markgrave. Wat overigens super lekker was.

Zaterdag stond er niks op de planning. Het was wel een datum van betekenis want op 16 februari 1974 hebben manlief en ik elkaar leren kennen. 45 jaar geleden … wat vliegt de tijd. We hebben het gevierd met een fijne zonnige fietstocht ‘Langs parken en forten in en rond Antwerpen‘. Onze eerste gezamenlijke fietstocht van dit jaar en al direct 48 kilometer. Pat on the back for myself!
 
Parken en forten//embedr.flickr.com/assets/client-code.js

En zondag moesten we bijkomen van de drukke week, maar hebben we toch nog een uurtje gefietst. Zonde om met zo’n mooi weer niet buiten te komen!

Liefde is …

Liefde is …
een dikke vette knuffel van je kleinzoon in ontvangst mogen nemen, snottebellen inclusief!

 Woensdag was onze Kleine Man bij ons. Ziek, maar zoals altijd zijn vrolijke en actieve zelf. 
Vijftien maanden is hij nu en hij wil zoveel zeggen, ratelt een hele serie klanken na elkaar af maar oma en opa begrijpen er nog niet veel van. 
Papa, … mama, …, dada, … Dat kon hij al langer. ‘Opa’ en ‘oma’ is precies nog wat moeilijk. ‘Apo’ zei hij wel de hele tijd. Misschien toch dan? 

Costa Rica

Costa Rica stond al een hele tijd op onze bucket list. Schitterende natuur, dat spreekt ons wel aan. Toch waren er wel een aantal zaken die vooral mij tegenhielden:

  1. de lange vlucht (minimaal 16 uren – toen nog met tussenstop in Panama of in de VS)
  2. het tijdsverschil van 7 uren
  3. de hitte en de hoge luchtvochtigheid.

Daarom heeft het nog tot in 2019 geduurd voor ik de stap durfde te wagen. De lange vlucht was inmiddels teruggebracht tot 11 uren en 45 minuten (KLM vliegt in de winter rechtstreeks naar San José). Toch al beter behapbaar. En de hitte, die had ik deze zomer in ons eigen kikkerlandje ook getrotseerd.

 
Dit was wel een reis buiten onze comfortzone, om het met een actueel woord te uit te drukken. Het werd een groepsreis waarbij ik de regie helemaal uit handen moest geven. Moeilijk, maar gezien de medische problemen van echtgenoot van het afgelopen jaar kon het nu even niet anders. Na afloop kan ik alleen maar concluderen dat het ons 100% is meegevallen. Wij kijken terug op een mooie, boeiende maar ook wel erg vermoeiende reis.

11 januari … Na een vlucht van maar liefst 9.389 kilometer komen we om 19u15 plaatselijke tijd aan in San José waar onze reisleider Bertus ons al staat op te wachten. Korte tijd later, als onze reisgenoten ons vervoegd hebben, brengt chauffeur Jorge – hij is onze vaste chauffeur tijdens de hele reis – ons naar hotel Balmoral in San José waar we een nacht kunnen bekomen van de lange reis. Verder zien we van San José niets, maar het zou ook niet echt een interessante stad zijn.

De volgende morgen worden we, na een ontbijt met o.m. het typisch Costaricaans gerecht gallo pinto (rijst met bonen), al om 7u30 terug bij de bus verwacht voor de 130 km lange rit naar La Fortuna (provincie Alajuela). In België/Nederland een uurtje … in Costa Rica drie lange uren. Maar de weg die we rijden is prachtig. Hij voert dwars door het Parque Nacional Braulio Carillo, door de bergen en nevelwouden van de centrale vulkanische vallei. Onze eerste ervaring met een nevelwoud en onze eerste (en vrijwel enige) tropische regenbui. Kort maar krachtig.

Onderweg bezoeken we in de buurt van Sarapiquí de bananen- en ananasplantage op de Finca Sura van de familie Gómez. Buiten ananas en bananen worden er ook op kleine schaal andere vruchten geteeld (o.a. guanabana, lekker!), en diverse kruiden zoals kaneel, kruidnagel, peper en kurkuma. Het is geen grote plantage en Rodolfo exporteert niet. Alles is voor de locale handel en voor eigen gebruik. We krijgen een uitgebreide rondleiding en proeverij, spotten onderweg vlinders, leguanen en gifkikkertjes. Het lijfje van deze ‘blue jeans’ kikkers is ongeveer anderhalve centimeter lang maar ze zijn dodelijk als hun gif in je bloedbaan terecht komt. ’s Middags genieten we er van een lunch met zelf gevangen tilapia en verse groenten en fruit uit Rodolfo’s eigen tuin. Nooit meer ergens zo’n lekker sappige ananas gegeten.

Tegen half vijf komen we aan in La Fortuna en installeren we ons in een gezellige cabaña in hotel Arenal Montechiari met prachtig zicht op de Arenal vulkaan … bedekt door een dik pak wolken. We verkennen het mooie domein en gaan op tijd naar bed want de volgende morgen staat er weer een lange rit op het programma: we gaan varen op de Rio Frio in Caño Negro, tot aan de grens met Nicaragua. Na de twee uur durende busrit naar Los Chiles genieten we van een mooie rustige vaartocht waarbij we veel kaaimannen en veel vogels zien, maar ook schildpadden, leguanen en luiaards. Als we terug bij het hotel komen zit de top van de Arenal nog altijd in de wolken.

Maandagmorgen opnieuw om 7u30 op post en onze laatste kans om de Arenal in al zijn glorie te bewonderen want vandaag rijden we verder naar Rincón de la Vieja (provincie Guanacaste). En we hebben geluk, want net voor we onze cabaña afsluiten verdwijnt de laatste sliert wolk.

Onderweg doen we een twee uur durende hangbruggenwandeling in het Mistico park. We hebben er weinig dieren gezien ; het was er vooral heel groen en er vielen af en toe wat verdwaalde druppels. We zitten hier natuurlijk nog altijd aan de Atlantische zijde van de Cordillera Central waar het het gehele jaar door regent. Eens we de cordillera over zijn, schijnt de zon en is het broeierig heet.

Nadat we onze intrek hebben genomen in onze cabaña in de Buena Vista Lodge haasten we ons naar de mirador met uitzicht op de vallei en de Pacific Ocean in de verte om te genieten van een lekkere cocktail en van de zonsondergang.

We hebben de hele dinsdag vrij om te genieten van alles wat het grote domein te bieden heeft. Een aantal medereizigers gaat paardrijden, nog anderen doen een 10 km wandeling naar de watervallen en samen met een reisgenote verken ik het domein. We zitten wat aan het zwembad, gaan koffie proeven in de koffiebranderij en nemen vooral heel veel foto’s!

’s Avonds, na sluitingstijd, zijn exclusief voor onze groep de hot springs en de spa geopend. We smeren ons in met vulkanische modder, spoelen ons af onder een koude douche en gaan dan de thermale baden in. De thermische warmwaterbronnen ontspringen uit de diepte van de vulkaan Rincón de la Vieja. Het water is kristalhelder en de verschillende baden hebben ook verschillende temperaturen. Het is heerlijk genieten hier in het hart van het weelderige tropische woud. Na een deugddoende massage door Doña Rosa sluiten we de dag af met een barbecue.

Woensdag mogen we uitslapen en vertrekken we pas om 8u30 naar onze volgende bestemming: Sámara (provincie Guanacaste) aan de Pacific Ocean. Maar eerst doen we nog een flinke wandeling in het Parque Nacional Rincón de la Vieja. Droog savannewoud deze keer, met totaal andere bewoners: slingerapen, dikke vette padden, veel vlinders, bladmieren, spinnen, slangen, langneusvleermuisjes, toucans en andere vogels, bijzondere bomen zoals de wurgvijg en de pochote, geisers en modderpoelen. En vooral veel muggen en bloedzuigertjes!

Kort na de middag checken we in in het wel zeer eenvoudig hotelletje Sámara Beach. Maar het is uitstekend gelegen in het kleine sfeervolle dorp, op 2 minuten wandelen van het witte strand. Sámara heeft een geweldig leuke caribische vibe. Op het strand vind je een reeks barretjes en restaurantjes en als je een drankje bestelt kan je de hele dag gratis gebruik maken van een ligbed of een hangmat. Dat is dan ook wat wij de volgende dag gedaan hebben. Maar we hadden ’s morgens om 7u – nog voor het ontbijt – al een strandwandeling gemaakt want overdag was het echt bloedheet. En de twee avonden in Sámara dineren manlief en ik – tête-à-tête – letterlijk met de voeten in het zand.

Stel je trouwens niet te veel voor van de Costaricaanse keuken. Die beperkt zich tot arroz con pollo / arroz con pescado (rijst met kip of vis) en bakbanaan en/of bonen. Bonen komen in elke maaltijd terug. Maar natuurlijk zijn er – dankzij het toerisme – ook Italiaanse en Aziatische restaurants waar je heel lekker kan eten. Arroz con pollo is trouwens ook niet slecht, maar na een tijdje wel eentonig.

Vrijdag na het ontbijt rijden we via Nicoya, waar we tijdens een koffiestop rode en blauwe ara’s zien, naar Palo Verde (provincie Guanacaste) waar we twee nachten zullen verblijven in de Hacienda La Pacifica. Opnieuw een mooi domein waar we weer andere dieren tegenkomen: wilde reetjes, agouti’s en vooral heel veel brulapen die ons halve nachten hebben wakker gehouden. Ze maken een geluid dat onmogelijk te beschrijven is, maar zelfs de beste oorstoppen houden het niet tegen.

Zaterdag, onderweg voor onze boottocht op de Bebedero, passeren we tussen de verschillende kleine dorpen met kleurrijke huisjes kilometerslange rijst- en suikerrietvelden. Tijdens de boottocht zien we veel leguanen, jezus christus hagedissen en krokodillen. En eens we in de mangroven varen heel veel verschillende water- en andere vogels.

De volgende dag rijden we naar Manuel Antonio (provincie Puntarenas). We gebruiken de Pan-American Highway, een tweebaansweg, tegen een maximum snelheid van 80 km per uur. Het is een lange rit en het gaat voor geen meter vooruit. We stoppen nog aan de Tarcoles rivier waar talloze krokodillen op de oevers liggen te slapen. De combinatie lange dagen, slecht slapen, hitte en hoge luchtvochtigheid begint me stilaan op te breken.

We verblijven twee nachten in hotel Tabulia Tree. Onze ‘villa’ ligt vrij hoog op het domein en het is er heter dan heet. Gelukkig rijdt er een mannetje met een golfkarretje over het terrein om ons steeds naar onze kamer te brengen. Maar eerst gaan we nog een wandeling maken in het Parque Nacional Manuel Antonio. Er gaat een gids met ons mee met een telescoop verrekijker. Fantastisch hoe je dan de kleinste details van de dieren kan zien. Veel luiaards in het park, roze lepelaars, roofvogels en slingerapen. Aan het einde van de wandeling komen we op het mooie witte strand waar het krioelt van de troepen capucijneraapjes. Ze zien er toch zo onschuldig uit …

Op zondag hebben we de gelegenheid om te gaan zip-linen. Weer om zes uur opstaan. Wij bedanken ervoor en willen liever wat uitslapen, en nadien een paar uurtjes aan het zwembad zitten. In de namiddag maken we met zijn allen een boottocht op zee met een trimaran, met muziek, eten en drank. Heel gezellig en ontspannend, en we genieten van de spectaculaire zonsondergang. ’s Avonds vieren we met ons gezelschap de 65ste verjaardag van mijn echtgenoot met een mooie en lekkere chocoladetaart aangeboden door de reisleiding.

De volgende ochtend aan het ontbijt worden we begroet door doodshoofdaapjes. Weer volgt er een lange rit van Quepos via San José en Braulio Carillo naar Puerto Viejo de Sarapiquí (provincie Heredia) in de Caribische laaglanden, waar we één nachtje gaan logeren in de Ara Ambigua Lodge om de lange rit naar Tortuguero te breken. Het is een eenvoudig hotel, maar wel weer met een mooie tuin met veel bloemen waar we die avond de typische kikkers met rode ogen zien in de kikkertuin. Het is er zeer groen, zeer vochtig en zeer heet.

Onze laatste twee nachten brengen we door in Tortuguero (provincie Limón), aan de Atlantische Oceaan. Je kan er alleen komen per boot, maar eerst hebben we nog een lange rit met de bus voor de boeg. Onderweg stoppen we bij de gigantische bananenplantage van Del Monte waar we zien hoe er een partij bananen ingepakt wordt voor transport naar de haven van Antwerpen. Na de busrit nog anderhalf uur per boot naar de Laguna Lodge. Oh rampspoed … geen airco in de kamers! Maar ook geen glas in de vensteropeningen, alleen muggengaas. Zo kan het, mits wat wind, toch wat doorwaaien. In de namiddag maken we een wandeling in het dorpje Tortuguero. Buiten wat souvenirwinkeltjes en een enkele bar/restaurant is er niet veel te zien. Ook het strand is niet echt aantrekkelijk met zijn zwart vulkaanzand.

Op onze laatste volledige dag maken we een boottocht in het Parque Nacional Tortuguero. We vertrekken met een beetje regen maar al snel klaart het op en het is drukkend warm – gevoelstemperatuur 39° zie ik op mijn telefoon. Weer zien we allerlei dieren, vooral heel veel vogels, maar bij mij is de fut eruit en ik heb het allemaal wel gezien. De namiddag brengen we door in de schaduw aan het zwembad en ’s avonds hebben we nog een drink van de reisorganisatie. Daar wisselen we mailadressen uit met onze reisgenoten en bereiden we ons voor op de lange reis terug naar San José en vervolgens de nachtvlucht naar Amsterdam.

¡Pura Vida!

Dikke dames?

Overgordijnen: check
Kussens: check
Lamp: check

Nu de Dikke Dames nog. Een echte of een giclée, daar zijn we nog niet uit. Het prijsverschil is wel héél groot!

Of misschien wel helemaal geen Dikke Dames. Ik heb zoveel mooie foto’s van onze reizen. Misschien laat ik er daar wel een aantal van op canvas afdrukken.

Dat moeten we toch nog eens in alle rust bekijken. 

Wordt vervolgd …

Tournée Minérale

En daar gaan we weer: Tournée Minérale, een maand zonder alcohol. Ik heb er niks op tegen dat mensen hieraan deelnemen maar zelf doe ik niet mee. Net zomin als aan ‘dagen zonder vlees’. Ik hou er namelijk niet van dat er mij iets wordt opgelegd, dat mijn leven gedirigeerd wordt door anderen. En bovendien ben ik ook gewoon een dwarsligger.

Ik vind het heus wel nuttig om nu en dan eens te detoxen, een tijd niet te drinken of op een andere manier op de rem te gaan staan, maar ik beslis zelf wel wat en wanneer. Niet dat ik zoveel drink trouwens. Hooguit eens een glas in het weekend of als we uit eten gaan. Thuis heb ik er nauwelijks behoefte aan.

Pineau de Charentes, Île d’Oléron, augustus 2018 – LEKKER!!

Wat ik dan weer zo gek vind: trots wordt er op Facebook en Instagram door de deelnemers aan deze actie gereageerd met ‘Ik Doe Mee‘, met daarbij dan een foto van Freixenet (cava) 0%, alcoholvrij bier of een G&T-glas zonder gin. Dan denk ik, mensen zet daar dan een glas water bij. Of cola voor mijn part. Of hebben jullie écht een probleem en kunnen jullie niet zonder iets wat eruit ziet als een alcoholisch drankje?

Datzelfde heb ik trouwens ook met vegetarisch eten. Mijn moeder at vaak vegetarisch maar er moest altijd wel iets bij dat op vlees leek. Een vegetarische burger of vegetarisch gehakt of zo. Haar maaltijd was niet compleet zonder. Ik heb het nooit gesnapt en ik zal het ook nooit snappen vrees ik.