Het smelt

Net als de rest van Vlaanderen ben ik meegegaan in de hype en ben ik Het smelt van Lize Spit aan het lezen. Het boek werd aangekondigd als een bestseller, een toproman.
 
Ik ben met heel veel moeite al tot pagina 126 geraakt en tot nog toe vind ik het een ongelooflijk saai boek. Er zit geen enkele vaart in en het noodt mij niet tot lezen. Het is eerder bijna een corvee en ik moet nog 282 bladzijden.
Ik hou het nog wat vol in de hoop dat het beter wordt, maar ik vrees een beetje dat het dezelfde richting opgaat als met de boeken van Griet Op de Beeck. Ook die vond ik maar niks. Haar nieuwste (Gij nu) ga ik zelfs niet meer aan beginnen. Het is gewoon niet mijn stijl, wat de literaire critici daar ook over mogen denken.

Tijdschriften


Vroeger was ik verslingerd aan tijdschriften. Libelle, Margriet, Flair, Feeling, Viva, Grande, Knack Weekend, … Ik kocht ze allemaal. Het was zelfs zo gek dat ik op dinsdag een kwartier vroeger stopte op mijn werk om nog op tijd bij de boekhandel over de grens te zijn voor mijn Libelle, Margriet en Viva. Jaren aan een stuk heb ik meegeleefd met de gezinnen van Tineke Beishuizen, Annette Heffels en alle andere columnisten. Jaren aan een stuk heb ik ook recepten uitgeknipt en netjes in kaften geklasseerd. Jaren aan een stuk gaf ik dus totaal verhakkelde tijdschriften door aan mijn moeder die er toch ook nog plezier aan had.

En nu? Het doet me al jaren totaal niks meer. Ik had – met het oog op de treinreis naar Amsterdam een paar weken geleden – nog eens een Libelle en een Margriet meegebracht. Ze liggen allebei nog ongelezen (wel vluchtig doorbladerd) op het boekentafeltje. Er staan nog altijd goede columns in, en ook de recepten zijn mooi in beeld gebracht, maar op de een of de andere manier hoef ik niet meer zo nodig.